Radio Nederland Wereldomroep

Door de internetredactie

09-09-2003

Foto: Pescadores-eilanden. Uit het scheepsjournaal van Abel Tasman (beeld: Nationaal Archief)Hoe had ons klimaat eruit gezien als de Industriële Revolutie nooit had plaatsgevonden? Als de mensheid geen grote hoeveelheden CO2 en andere vervuilende gassen uitstootte? Vragen waarmee een groep binnen- en buitenlandse meteorologen al ruim twee jaar worstelt. De antwoorden hopen de onderzoekers te vinden in de honderden scheepsjournalen die tussen 1750 en 1850 zijn geschreven.

Meestal bekijkt het KNMI radarbeelden en computermodellen, maar maritiem meteoroloog Frits Koek zit al twee jaar met zijn neus in oude scheepsjournalen. Hij hoopt meer te weten te komen over het weer op de oceanen van voor 1850, het begin van de Industriële Revolutie. De uitvinding van de stoommachine en de daaropvolgende industrialisatie hebben de omstandigheden op aarde veranderd. Dat staat vast. "De hoeveelheid kooldioxide in de atmosfeer is toegenomen. En we weten dat CO2 bijdraagt aan de opwarming van de aarde."

Link: Beluister de reportage van Maurice Laparlière over het klimaatonderzoekBeluister de reportage van Maurice Laparlière over het klimaatonderzoek. 4´05"

Scheepsjournalen
Voor 1850 was de uitstoot van schadelijke stoffen minder. De wereldbevolking was kleiner. De zeeën waren nauwelijks vervuild. Maar betekent dit ook dat het weer anders was dan nu? Voor de bestudering van die pre-ïndustriële periode, het zogeheten Cliwoc-onderzoek, gebruikten wetenschappers de maritieme archieven van onder meer Nederland, Engeland en Frankrijk. Landen met een lange zeevaarthistorie.

Scheepsjournalen bleken een schat aan informatie te bevatten. In het logboek dat tijdens iedere reis werd bijgehouden, noteerde de kapitein niet alleen gegevens over de lading of gebeurtenissen onderweg. Enkele keren per dag beschreef hij de weersomstandigheden: regen of zon, de windrichting, windkracht, de koers en de afgelegde afstand. Een zeereis van bijvoorbeeld Nederland naar de Oost kon enkele jaren duren. Op basis van die nauwkeurige notities ontstaat een beeld van de verschillende weerssituaties op zee. Van stormen en lange perioden van windstilte.

Foto: Maritiem meteoroloog Frits Koek van het KNMI (foto: Maurice Laparlière/RNW)Spitwerk
"Honderden scheepsjournalen hebben we doorgespit. Onder meer in het Nationaal Archief in Den Haag en het Amsterdamse Scheepvaartmuseum. Vanaf 1750 hebben we alle weersgegevens geïnventariseerd en opgeslagen in computers", zegt Koek. Een ingewikkelde klus. "We moesten niet alleen oude handschriften leren lezen, maar ook de scheepvaarttermen uit die tijd leren begrijpen en gebruiken."

Labberkoelte
Thermometers en barometers raakten pas rond 1800 in zwang. Maar de kwetsbare instrumenten waren onbetrouwbaar en gingen snel stuk. Zeelieden duidden het weer vooral aan de hand van de hoeveelheid zeil die het schip kon voeren. Koek had er met zijn maritieme achtergrond weinig moeite mee, maar zijn collega's moesten toch even wennen. Vooral benamingen van windsnelheden zorgden voor problemen.

Met enige oefening zijn ze vrij makkelijk te begrijpen, zegt de Nederlandse meteoroloog. "Heel flauwe wind heet in scheepsjournalen een ‘labberkoelte'. Iets meer wind, kracht 2 of 3, is een ‘boven bramzeils koelte'. Bij zware storm of een orkaan werden de zeilen zo klein mogelijk gemaakt. Gereefd. Vandaar de term ‘driedubbel gereefde onderzeilse koelte'." In ruim driekwart van de logboeken staan de windsnelheden op deze manier beschreven.

Beaufort

Driekoningeneiland030909
 

Fragment uit het scheepsjournaal van Abel Tasman. (Nationaal Archief)

Helaas gebruikte bijna iedere zeeman zijn eigen waarderingssysteem. Vaak van generatie op generatie doorgegeven. Algemene richtlijnen bestonden niet. Pas in 1838 ontwikkelde Sir Francis Beaufort de windschaal. De Britse schout-bij-nacht koppelde getallen aan het gedrag van een aan de wind zeilend schip. Zijn Schaal van Beaufort kreeg al snel internationale erkenning en het gebruik ervan werd verplicht. Het ‘dichtgereefde marszeil' maakte plaats voor ‘windkracht 9'. Precies wat Koek nodig had. "Dat heeft ons erg geholpen bij de omzetting van die termen in getallen. Want met woorden kun je niet rekenen."
 

Externe links

<>