Hollandse stadsgezichten en interieurs uit de late Middeleeuwen, verloren gegane beelden van hoe Nederland er rond 1500 uit zag. Met de tentoonstelling 'Vroege Hollanders' roept Museum Boymans van Beuningen in Rotterdam deze beelden weer tot leven.
| Een schilderij is afkomstig uit Alkmaar en bestaat uit zeven panelen die de zeven Werken van Barmhartigheid voorstellen. |
Op een paar schilderijen zien we stadsgezichten, op één het raadhuis van Haarlem. Blikvanger bij binnenkomst van de expositie is een tweetal schilderijen met het ommuurde Dordrecht en omgeving. Daarop is duidelijk de beroemde kerktoren te zien, veel huizen met trapgeveltjes, maar ook weilanden en kleine dorpjes om de stad heen. Het is heel anders dan het Dordrecht van nu: een centrum met wat oude havens en dure huizen, vooral van de 17de eeuw en later. En rond de stad liggen nu grote woonwijken en industriegebied, doorsneden door drukke auto- en waterwegen. Er is niets landelijks meer aan.
Een ander schilderij is afkomstig uit Alkmaar en bestaat uit zeven panelen die de zeven Werken van Barmhartigheid voorstellen. "Het is een fantasiestad, die we zien," vertelt conservator Jeroen Giltaij, "maar wel gebaseerd op hoe steden er toen uitzagen. Ook hier trapgevels, een groot gebouw met kantelen, veel trappen naar de voordeuren en allemaal ramen met luiken. Verder kinderhoofdjes op straat in plaats van platte keien."
| Maria en Jozef met het kind Jezus aan een Hollandse ontbijttafel |
Op de schilderijen staan eigenlijk altijd religieuze taferelen afgebeeld: Jezus en Maria, of katholieke heiligen en hun historie. Maar ondertussen zie je hoe huizen er van binnen uitzagen. Meubelen, gebruiksvoorwerpen, kleding uit die late Middeleeuwen zijn afgebeeld. Bijvoorbeeld Maria en Jozef met het kind Jezus aan een Hollandse ontbijttafel. Dezelfde tinnen snijplankjes, dezelfde gedraaide glazen, zoutstrooiers, kookgerei en meubelen als op de schilderijen zie je vlak daarnaast staan in vitrines. Ze zijn ooit door archeologen gevonden of anderszins bewaard gebleven en illustreren nu hoe de schilders van toen hun dagelijkse omgeving vastlegden.
Waar en wie
Toen aan het eind van de Middeleeuwen de schilderkunst opkwam in Holland, waren er een paar belangrijke steden: Alkmaar, Gouda, Delft, Haarlem en als grootste stad Leiden. In die steden woonden en werkten, voor zover bekend de meeste schilders.
Bij de meeste schilderijen is de naam van de kunstenaar niet bekend, vertelt conservator Jeroen Giltaij. "In die tijd signeerden ze hun werk niet. De schilder-historicus Karel van Mander heeft ooit twee namen genoemd: Albert van Ouwater en Geertgen tot Sint Jans. Verder heeft hij bij een aantal schilderijen zelf namen verzonnen, direct gekoppeld aan hun schilderijen en de mogelijke plaats waar ze zijn geschilderd. Bijvoorbeeld 'De Delftse Meester van de Virgo inter Virgines', of 'De Meester van de Brunswijkse diptiek'. Die namen gebruiken we nog steeds."
Er zijn nog maar heel weinig Hollandse schilderijen uit de late Middeleeuwen over. Natuurlijk gaan er in de loop van de eeuwen voorwerpen verloren, maar hier speelt ook de beeldenstorm een belangrijke rol. In 1566 vernielden woedende burgers beelden en schilderijen in kerken en kloosters. Ze kwamen in opstand tegen de Rooms-Katholieke kerk en de toenmalige autoriteiten, omdat deze het protestante geloof onderdrukten.
Van de tachtig schilderijen die nog over zijn uit die tijd rond 1500, hangen er zestig in Boijmans. Het museum heeft in haar eigen collectie een flink deel van deze houten panelen, schilders gebruikten toen nog geen linnen. Verder kregen de Rotterdammers een grote bruikleen van het Rijksmuseum in Amsterdam, dat langdurig aan het verbouwen is. "Toen hadden we al dertig van die zeldzame stukken", vertelt conservator Jeroen Giltaij. "Dat was de kans om een unieke tentoonstelling te maken."
Vanuit allerlei buitenlandse musea zijn vervolgens nog dertig schilderijen naar Rotterdam gebracht. Heel voorzichtig, want de houten panelen zijn zeer kwetsbaar. Een deel van de gewenste stukken kon daarom niet vervoerd worden.
Anoniem
"Aan het eind van de tentoonstelling hangen schilderijen die aan het begin van de 16de eeuw zijn gemaakt. De ontwikkeling ging toen heel snel. Daar hangt werk van Jan Mostaert en van de eerste beroemde Nederlandse schilder Lucas van Leyden. Maar eigenlijk gaat het in deze expositie om de vroegere schilderijen," aldus conservator Giltaij.
'Vroege Hollanders' geeft een mooi beeld van Holland vijfhonderd jaar geleden, maar conservator Giltaij wijst toch vooral op de schilderkunst. "Het zijn natuurlijk werken van schilders, die prachtig kunnen schilderen. Ze maken composities, ze kunnen iets schitterend verbeelden. De bonte kleuren die ze gebruiken zijn heel sprekend. Het zijn kunstenaars waar je naar kijkt. Daar gaat het eigenlijk om. Dan raak je echt onder de indruk."
Meer over: dordrecht, duitse luftwaffe, hollandse stadsgezichten, jan mostaert, jeroen giltaij, lucas van leyden, middeleeuwen, museum boymans van beuningen, rotterdam, schilderkunst, tweede wereldoorlog
