De Nederlandse politiek is een stuk levendiger geworden. Sinds de Pim Fortuynrevolte in 2002 hebben emotionele uitingen een blijvende plaats gekregen in het politieke debat. Dat is te merken aan een merkwaardig fenomeen: roffelen, het met de vlakke hand of knokkels tikken op de parlementsbankjes.
Student politieke geschiedenis doet het even voor: "Roffelen doe je het liefst met een vlakke hand op de tafelrand". Vervolgens trommelt hij een paar keer hoorbaar maar zeker niet hard op zijn keukentafel. Een beetje onnozel onderwerp om onderzoek naar te doen? "Ik dacht ook dat het beperkt was, maar er zit een hele betekenisverschuiving achter dat roffelen. In de handelingen van de Tweede Kamer zag ik tussen haakjes steeds opduiken ‘geroffel op de bankjes'. Ik vroeg me af: wat is dat voor een raar fenomeen?"
Visscher schreef alle fractiesecretarissen aan en vroeg hun naar het roffelgedrag van de fractie. De meesten reageerden welwillend, alleen Rita Verdonk van Trots op Nederland vond het een bizarre vraag. Ze verklaarde overigens wel tégen roffelen te zijn.
Klappen en joelen
Carla van Baalen is hoogleraar parlementaire geschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Ze begeleidde het onderzoek van Quirijn Visscher. Het onderwerp dat haar student aandroeg is zeker anders dan anders. "In Nederland zijn we vooral gewend om te kijken naar de inhoud van politiek. Dus waar praat men over, wat zijn de problemen? Maar hier wordt gekeken naar de vorm van politiek. Dus mensen zitten te klappen, te joelen of met hun knokkels op tafel te slaan. Onderzoek naar zulk gedrag is in Nederland vrij nieuw."
Voor de hoogleraar is de onderzoeksmethode niet nieuw. Vorig jaar brachten zij en een collega tien dagen door in de Tweede Kamer. Het tweetal ging op zoek naar ‘rituelen, symbolen, tradities en gebruiken' in de Tweede Kamer. Dat viel niet mee. Van Baalen: "Je moet echt heel goed zoeken om iets te vinden. Je ziet geen vlaggen, bijzondere pakken of opvallende symbolen."
Poldermodel
Die symbolen en tradities in het Nederlandse parlement zijn subtiel of zelfs verscholen. Zo ontdekte de hoogleraar dat de inrichting van de Tweede Kamer het Nederlandse landschap symboliseert. Een groen tapijt staat voor het gras, de stoelen hebben de vorm van een tulp en het plafond is grijsblauw. Van Baalen: "Daar ligt ook het poldermodel in besloten. Zo van: we komen er samen wel uit."
Een andere ontdekking was een ritueel bij de ingang van de oude kamerzaal. Daar ligt een boek met namen van Nederlandse oorlogsslachtoffers. De Nederlandse vlag met een lauwerkrans staat er naast. Elke werkdag slaat iemand met witte handschoenen een bladzijde van dat boek om. Dat gebeurt niet in het openbaar, maar in alle beslotenheid.
Wilders
Tegenover dit serene, haast verborgen ritueel staat het huidige roffelgedrag in het parlement. Dat wordt steeds luidruchtiger, zag Quirijn Visscher. Vroeger werd alleen geroffeld op plechtige momenten bijvoorbeeld als er een prinsje of prinsesje was geboren. Tegenwoordig zorgt een pittig debat waar veel emotie bijkomt al voor het nodige geroffel. Zo levert een debat met Geert Wilders doorgaans veel roffels op, zowel van tegenstanders als van medestanders van zijn PVV (Partij voor de Vrijheid).
Politiek theater
De ene roffel is dus de andere niet. Student politieke geschiedenis Quirijn Visscher onderscheidt drie soorten roffels. "De plechtigheidsroffel is een alternatief voor het applaus. Het betekent instemming met een vreugdevolle mededeling. Dan is de Tweede Kamer echt een instituut. De strijdroffel is recenter. Die is ongeveer ingevoerd met de komst van de LPF (Lijst Pim Fortuyn). Hij wordt gebruikt om bijval te geven aan een politicus die zich ergens hard voor maakt. De gezelligheidsroffel wordt gebruikt als er hilariteit is of als men de slappe lach heeft. Je moet je voorstellen dat Kamerleden urenlang vergaderen. Dan wil je nog wel eens melig worden."
Wat zegt nu al dat toenemende geroffel over de Nederlandse politiek? Visscher: "Politiek was saai, maar is nu levendig. De Kamer staat zichzelf veel meer vrijheid toe op dit gebied. Theater is geen taboe meer."
Meer over: Carla van Baalen, politiek, Quirijn Visscher, rituelen, roffelen, Tweede Kamer
