Waar moet het heen met de relatie tussen Suriname en Nederland? Tijdens de Srefidensi-lezing ter gelegenheid van de 33ste onafhankelijkheidsdag van Suriname werd daarover in Podium Kwakoe in Amsterdam-Zuidoost gedebatteerd.
Suriname werd op 25 november 1975 onafhankelijk. Volgens directeur Urwin Vyent van Podium Kwakoe is de relatie tussen Nederland en Suriname na 33 jaar flink bekoeld geraakt. "Er is een kloof aan het ontstaan tussen de Surinamers in Nederland en de Surinamers in Suriname. De belangstelling voor de ontwikkelingen in Suriname is aan het afvlakken."
| Het debat in Podium Kwakoe. Foto: Alain de la Mar |
Maar ook in Suriname ligt volgens Vyent een oorzaak. "Er is een zekere concurrentieangst bij beleidsmakers in Suriname." Hij noemt het voorbeeld van stervoetballer Clarence Seedorf, die miljoenen wil investeren in het Surinaamse voetbal onder voorwaarde dat hij invloed krijgt. Dat werd afgewezen. "Onvoorstelbaar. Het is angst voor de eigen positie, dat dingen gaan veranderen. Ik mis een kritische dialoog tussen de twee volkeren."
Toescheidingsovereenkomst
Owen Venloo van NPS Nederland haalt de Toescheidingsovereenkomst aan als een oorzaak voor de groeiende kloof. De soepele toegangsregeling voor Nederlandse Surinamers is nooit goed nageleefd. "Dan krijg je het idee dat ze het niet willen in Suriname, terwijl Surinaame presidenten altijd hebben gezegd: jullie horen thuis in Suriname. Maar ze hebben de regelingen nooit getroffen."
Venloo en anderen in Nederland pleitten in 2004 voor een duaal burgerschap. Het voorstel is door president Venetiaan positief ontvangen, maar er is niets mee gedaan. De Surinaamse gemeenschap in Nederland is daar teleurgesteld over, zo bleek ook tijdens het debat. "Kennelijk is men ergens bang voor, maar ik noem het koudwatervrees."
Meer over: onafhankelijkheid, Owen Venloo, Podium Kwakoe, srefidensi, Urwin Vyent
